Energiebronnen en -dragers
Hoe zit dat nu eigenlijk met de veelbesproken energiebronnen en -dragers?
Windenergie
- Nederland haalt straks veel stroom uit windmolens.
- De meeste windmolens komen op de Noordzee. Maar we hebben ook windmolens op land nodig om genoeg betaalbare stroom te maken.
- Wind op zee 30% van de energiemix in 2050.
- Wind op land 5% van de energiemix in 2050.
Zonne-energie
- Zonnepanelen zijn makkelijk te plaatsen en leveren veel stroom.
- We leggen vooral panelen op daken, parkeerplaatsen en langs wegen.
- Op landbouw- of natuurgrondkomen alleen in uitzonderingsgevallen zonnepanelen.
- Zonne-energie 15% van de energiemix in 2050.
Kernenergie
- Soms waait het niet en is er geen zon. Dan kan kernenergie ervoor zorgen dat er toch genoeg stroom is.
- Kerncentrales leveren altijd energie en stoten na de bouw geen CO₂ uit. Wel blijft er radioactief afval achter.
- Kernenergie 5% van de energiemix in 2050.
Waterstof
- Waterstof is een energiedrager en vooral geschikt voor fabrieken, zwaar vervoer en stroomcentrales als er geen wind of zon is.
- Nu komt waterstof grotendeels uit aardgas. Straks maken we zelf waterstof, vooral via windenergie op zee. Daarom komen er waterstoffabrieken bij de kust.
- We importeren ook waterstof. We zorgen ervoor dat dit kan worden opgeslagen waar we nu gas opslaan.
- Waterstof aandeel is nog onbekend vanwege de vele onzekerheden.
Koolstof
- Koolstof uit GFT-afval is schaars. We moeten er slim mee omgaan, omdat we het nodig hebben voor spullen en brandstoffen waarvoor nog geen andere oplossing is.
Warmte
- We benutten lokale warmtebronnen waar mogelijk.
- Warmte-opslag is belangrijk als buffer voor een robuust energiesysteem.
- Collectieve warmtenetten zoveel mogelijk op basis van duurzame warmtebronnen.